De bijzondere informatieplicht in het kader van commerciële samenwerkingsovereenkomsten

Het Wetboek Economisch Recht bevat verschillende verplichtingen voor contractspartijen om, voorafgaand aan het sluiten van een overeenkomst, bepaalde informatie aan de tegenpartij mede te delen. Vooral in het kader van consumentenovereenkomsten en kredietovereenkomsten worden er bijzondere verplichtingen opgelegd teneinde de zwakkere contractspartij te beschermen en een gepercipieerd contractueel evenwicht te herstellen.

Ook in het kader van commerciële samenwerkingsovereenkomsten gelden er bijzondere informatieplichten.  Deze regelgeving werd ingevoerd met de wet van 19 december 2005 en werd ondertussen geïncorporeerd in boek X van het Wetboek Economisch recht. Met de opname in het WER werd ook het toepassingsgebied van deze regelgeving sterk uitgebreid.

1. Bijzondere informatieplicht in het kader van commerciële samenwerkingsovereenkomsten

Een commerciële samenwerkingsovereenkomst wordt onder artikel I.11, 2° van het Wetboek Economisch Recht gedefinieerd als iedere overeenkomst waarbij de ene persoon het recht verleent om bij de verkoop van producten of verstrekking van diensten een commerciële formule te gebruiken in de vorm van een gemeenschappelijk uithangbord, gemeenschappelijke handelsnaam, overdracht van know how of commerciële/technische bijstand. Het gaat hier niet om een eenmalige verkoop, dienst of gebruik van handelsnaam maar om een duurzame en wederzijdse samenwerking tussen partijen. Typevoorbeelden zijn de franchiseovereenkomst, distributie- / concessieovereenkomsten, handelsagentuur, makelaarsovereenkomsten, …

Minstens een maand voorafgaand aan het sluiten van een commerciële samenwerkingsovereenkomst dient de persoon die het recht verleent (vb. de franchisegever) de ontwerpovereenkomst alsook een apart document met bijzondere vermeldingen over te maken aan de kandidaat-contractant (vb. de franchisenemer).

Dit afzonderlijk document moet, in toepassing van artikel X.28 van het Wetboek Economisch Recht, melding te maken van de belangrijkste verbintenissen en modaliteiten opgenomen in de samenwerkingsovereenkomst. Hieronder dient onder meer te worden begrepen: de duur van de overeenkomst, de opzegmogelijkheden, de verbintenissen en sanctionering bij niet-naleving, het intuiti personae karakter, eventuele voorkooprechten of aankoopopties, het exclusief karakter, … Tevens dienen er een aantal gegevens in het document te worden opgenomen met betrekking tot de identiteit en kwaliteiten van diegene die het recht verleent, waaronder eerdere ervaringen met vergelijkbare commerciële samenwerkingen, de historiek en vooruitzichten van de markt en het marktaandeel, de jaarrekeningen van de laatste drie jaar, …

2. Bijzondere informatieplicht bij hernieuwing, het sluiten van een nieuwe overeenkomst of de wijziging van de bestaande overeenkomst

Vaak vergeten is de bijzondere informatieplicht die geldt in geval van hernieuwing of wijziging van de bestaande commerciële samenwerkingsovereenkomst, voor zover de duur ervan minstens twee jaar bedraagt, of wanneer er een nieuwe commerciële samenwerkingsovereenkomst zou worden afgesloten tussen dezelfde partijen.

Ook in dit geval dient de ontwerpovereenkomst alsook een afzonderlijk, doch vereenvoudigd, informatiedocument te worden verschaft met daarin de belangrijkste wijzigingen ten aanzien van de eerder aangegane commerciële samenwerkingsovereenkomst.

Opvallend is dat er ook bij hernieuwing een vereenvoudigd document dient te worden overgemaakt. Dit sluit de stilzwijgende hernieuwing de facto uit. Verlengingsbedingen vallen echter niet onder het toepassingsgebied van artikel X.29 en vormen dus een uitstekend middel om aan de informatieverplichtingen te ontkomen.

3.Sanctie in geval van niet-nakoming

Het niet naleven van deze regelgeving wordt principieel gesanctioneerd met de nietigheid van de overeenkomst. Wanneer de termijn van één maand niet werd gerespecteerd of de ontwerpovereenkomst en het informatiedocument niet zouden zijn overgemaakt, betreft het de nietigheid van de gehele overeenkomst. In geval van een gebrekkig informatiedocument (door onjuistheden of hiaten) betreft het de partiële nietigheid. Op het niet verschaffen van de informatie voor de correcte beoordeling van de samenwerkingsovereenkomst staan geen bijzondere sancties voorgeschreven.

Men beschikt over een termijn van twee jaar om de (partiële dan wel gehele) nietigheid van de overeenkomst te vorderen. Een ingebrekestelling binnen de twee jaar volstaat. Ook kan de beschermde partij slechts na een maand na het sluiten van de commerciële samenwerkingsovereenkomst uitdrukkelijk en gemotiveerd afstand doen van het recht om de nietigheid te vorderen.

Hoewel er zware sancties staan voorgeschreven op de niet-naleving van deze bijzondere informatieplicht, wordt zij vaak uit het oog verloren. Het biedt de economisch zwakkere partij, in het geval van niet-naleving, een hefboom tijdens nieuwe onderhandelingen.1 In sommige gevallen kan de uitoefening van dit recht wel een misbruik uitmaken.

Aldus zijn er tal van aandachtspunten die in het achterhoofd moeten worden gehouden bij het opstellen, vernieuwen en onderhandelen van een commerciële samenwerkingsovereenkomst.

Nathan DECLERCK

1 Stijn Claeys, Precontractuele fase: de informatieplichten en documenten bij distributiecontracten, BHDR 2015, afl. 17.